|
Contrast, maar niet
alleen dat.
Door Mgr. drs. R.
Ph. Bär o.s.b.
Erekapelaan SMHOM
Maart 2004
Op het ogenblik
dat ik dit schrijf is het volop Paastijd. De alleluja’s in de
liturgische diensten ruisen door de kerk met de feestelijke
melodieën, zodat hart en geest opgetild worden tot op de plaats waar
– zoals de Apostel Paulus zegt – “Jezus is, zittend aan de
rechterhand van God de Vader”. Zo is het niet moeilijk om te doen
wat dezelfde Apostel er bij zegt: “Bedenk niet de dingen van de
wereld maar de dingen van boven, en zoek die ook”. Deze
aanbevelingen zijn een bron van inspiratie en bemoediging, telkens
weer. Wat zijn wij gezegend als christenen dat wij deze dingen weten
en horen mogen, zodat wij de richting kennen die wij moeten kiezen
voor ons leven. Vreugde kan er dus zijn, voor ons zoals voor Maria:
Laetare, Regina Coeli!
Maar……..wat er om
ons heen gebeurt is van een droefheid die bijna te veel is. Er is
natuurlijk ook veel om dankbaar voor te zijn, ja zelfs om vreugde
over te hebben. Helaas worden wij echter te veel en te frequent
opgeschrikt door het kwade, het boze, het negatieve, En dat op vele
terreinen: politiek economisch, cultureel en zelfs religieus. Het
kwade, dat de overhand lijkt te krijgen, zodat het goede geen kans
krijgt. Ieder van ons zal dit soort gevoelens hebben want wij leven
er toch midden in en zo raakt het kwade dikwijls aan ons eigen
leven.
Contrast? Ja
zeker, heel reëel en voelbaar. Velen hebben dan ook moeite om te
blijven geloven, en wij kunnen dat eigenlijk goed begrijpen, ware
het niet dat wij, voordat wij de vreugde van Pasen kenden, geleden
hebben met de Verlosser. Het lijden van Jezus, dat door een
omstreden film ineens zeer centraal is komen te staan, en dat een
manifestatie was van hetzelfde kwade waar wij nu mee te maken
hebben. Christus is door het lijden heen gegaan en heeft het
overwonnen. Hij deed dat voor ons, opdat wij zouden weten dat wij
door lijden heen de lichtende werkelijkheid van de Verrijzenis
zullen beleven. Temidden van het tumult van de wereld met al zij
getob en gesteun, is daar de zekerheid van Gods uiteindelijke
overwinning, voor ieder afzonderlijk en voor allen samen.
In afwachting
daarvan mogen wij doen wat Paulus aanbeveelt: zoeken naar de dingen
die “boven” zijn. En als dat in het groot niet lukt omdat wij geen
conflicten kunnen voorkomen, martelingen niet kunnen uitbannen,
honger en armoede niet kunnen doen ophouden, dan is het alleszins
mogelijk om in de kleine dingen het hemels perspectief te doen
oplichten. Dikwijls geschieden deze dingen zo, dat niemand ze ziet,
bijvoorbeeld in ons eigen hart, maar dan weten wij dat God een
zekere voorkeur heeft voor het “verborgene”, zoals het Evangelie het
zegt, en ook voor het kleine.
Quae sursum sunt
quaerite: zoekt de dingen die “boven” zijn; laat ons dat vooral
doen, in alle nederigheid en kleinheid. Maar vastberaden, want wij
zullen God vinden en met hem de weg van het leven gaan, dwars door
het kwade heen, en het contrast te boven komen. |