|
Overweging bij het
Hoogfeest van de Heilige Johannes de Doper
Homilie van vicaris A.J.J. Woolderink
Erekapelaan van de SMH Orde van Malta
Ridderdag (september) 2002
Zoals ons bekend is staat onze ruim 900 jaar oude Maltezer Orde
onder het patronaat van de heilige Johannes de Doper. De stichter
van de Orde, de zalige Gerardus, bouwde rond 1040 in Jeruzalem een
hospitaal en kerk die hij toewijdde aan St. Jan de Doper. Daar
werden zieken verzorgd en pelgrims opgevangen, Het geloof
ondersteunen en bevorderen en de noodlijdenden bijstaan. Daarin ligt
de oorsprong van de Orde, die de stichter zeer toepasselijk onder
bescherming stelde van Johannes de Doper, die grote figuur waarmee
het Nieuwe Testament, het Nieuwe Verbond, wordt ingeluid, jaarlijks
wordt wereldwijd zijn geboorte gevierd op 24 juni čn zijn marteldood
op 29 augustus, Hiermee is hij met Maria de enige heilige, waarvan
we zowel de geboorte als de sterfdag op de kerkelijke kalender
gedenken.
Uit
het evangelie dat op 24 juni gelezen wordt blijkt, dat er nogal wat
te doen is geweest over de naam die het acht dagen oude kind van
Zacharias en Elizabeth zal krijgen.
Er
ontstaat bijna onenigheid onder de verzamelde familieleden en buren
toen ze tot hun verbazing van Elizabeth vernamen dat het kind
Johannes zou heten. Zij waren er namelijk zonder meer vanuit gegaan
dat het naar zijn vader, Zacharias genoemd zou worden.
De
naaste familie en ook de buren laten het er echter niet bij zitten
en vinden de gewoontes en familiegebruiken blijkbaar belangrijker
dan wat de ouders met de naam Johannes willen uitdrukken. Diverse
argumenten zullen over de tafel gevlogen zijn. En de evangelist
Lucas geeft ons wat inzicht in de ontstane discussie, wanneer hij
opschrijft: “Zij antwoordden haar: Maar er is in uw familie niemand
die zo heet.”
En
dan hakt de vader Zacharias resoluut de knoop door, door op te
schrijven: “Johannes zal hij heten.” Letterlijk staat het er in de
oorspronkelijke Griekse tekst nog wat pregnanter, namelijk Joannes
estin onoma autou (Johannes is zijn naam). Het is immer al beslist,
van Godswege. Opnieuw verbazing bij de omstanders en zie, Zacharias
kan weer spreken. Tot dit moment had hij immers zijn spraak
verloren, omdat hij negen maanden eerder de belofte van God niet had
kunnen geloven dat hij en zijn vrouw Elizabeth op hun oude dag nog
een kind zouden krijgen. En nu legt Zacharias getuigenis af van zijn
gehoorzaamheid en dankbaarheid, door het ding inderdaad Johannes te
noemen, zoals hem negen maanden eerder was opgedragen.
Onze
Maltezer Orde en al haar leden staan dus onder de bescherming van
iemand, die – zij het niet zonder enige strubbelingen – de naam
Johannes heeft gekregen. Een naam die een boodschap inhoudt. Een
naam die oproept tot groot vertrouwen en tot dankbaarheid. Johannes
betekent namelijk: God is genadig.
Wat
mag dat betekenen voor ons als leden van de Orde van Malta, waarvan
ons lidmaatschap aangeeft dat we verdieping zoeken juist in ons
leven als gelovig christen. God is genadig! Wanneer een mens dat in
zijn leven durft uit te spreken en bevestigen, dan is hij gegroeid
in zijn geloof. Dan realiseert hij zich dat alles wat hij is en
heeft genade is, d.w.z. van God zomaar ontvangen. Niet omdat we er
recht op hebben, of het op een of andere manier hebben verdiend.
Maar dat we het uit Gods liefde mochten ontvangen. Gratis…om niet.
Het Latijnse woord voor genade is gratia, waar het woord gratis van
afgeleid is. Alles wat niet te koop is in het leven… en dat zijn
alle essentiële dingen… zijn gratis en die danken we aan Gods
genade. Dat God genadig is, wil ook zeggen dat Hij in liefde naar
ons blijkt omzien en zorg voor ons draagt.
In
de lofzang, die Zacharias uitspreekt nadat hij de spraak terug heeft
zegt hij: “Geprezen zij de Heer de God van Israël, omdat Hij omziet
naar zijn volk en het bevrijdt”. Die bevrijding bestaat juist ook
uit het weer aanvaarden van de mens die gevallen is. Genade betekent
barmhartigheid waaruit vergeving voortvloeit. En tenslotte
overstijgt Gods genade, de menselijke grenzen. Wat menselijk
ondenkbaar werd geacht is in de kracht van God liefde toch mogelijk,
zoals Zacharias zelf mocht ervaren toe zijn kind ter wereld kwam.
Hij
had er niet meer op durven hopen en kon er haast ook niet in geloven
toen hem de belofte gedaan werd. Het is een wezenlijke verandering
in een mensenleven, wanneer je je realiseert dat je uit Gods genade
mag leven, en evenzeer wanneer je je geroepen weet om in het
voetspoor van Gods genade zelf zorg te betrachten voor anderen, mild
en vergevingsgezind te zijn.
Wij
dragen als Ordeteken het achtpuntige Maltezer kruis, dat verwijst
naar de acht Zaligsprekingen van de Heer. Het houdt een opdracht in
om te leven in de geest van die Zaligsprekingen. Alle acht brengen
zij ons in herinnering dat God genadig is, dat wij uit die genade
mogen leven… met en voor anderen.
Zalig die niet hoogmoedig van geest zijn; zalig die oog hebben voor
het leed van anderen; zalig die mild zijn en geduld hebben met
elkaar; zalig die verlangen naar gerechtigheid; zalig die barmhartig
zijn en kunnen vergeven; zalig die oprecht en zuiver van hart zijn;
zalig die vrede uitdragen en herstellen; zalig tenslotte die God
trouw blijven, ook wanner je daarmee afwijzing van mensen riskeert.
Leven in de geest van de Zaligsprekingen betekent, zoals we bijna
dagelijks ervaren, dat we als het ware aan de zwaartekracht van het
leven moeten ontstijgen. Maar we mogen het doen in de belofte die de
naam van Johannes de Doper inhoudt: God is genadig…ook voor ons.
Amen.
|