WWW ORDE VAN MALTA

 Activiteiten

 




HOE ONTDEKKEN WE DE SPIRITUALITEIT VAN LOURDES?

door: Jean-Marie M.F.G. Bosch van Drakestein

Ridder van Eer en Devotie in Obediëntie in de Orde van Malta

De basis voor de spiritualiteit van Lourdes ligt in de verschijningen van Maria aan Bernadette Soubirous in de grot aan de Gave, de boodschap van Maria en de wonderen die plaatsvinden, toen, sindsdien, NU en in de toekomst. Deze bron van wonderen en inspiratie op deze plaats waar de hemel de aarde raakt, droogt nooit op, zoals ook de liefde van God voor Zijn schepping en voor de mens, ook nooit opraakt.

LOURDES - DE VERSCHIJNINGEN

Maria is tussen 11 februari en 16 juli 1858 in totaal 18 keer aan Bernadette Soubirous verschenen. Bij een aantal van deze verschijningen had Maria een duidelijke boodschap.

De eerste verschijning vond plaats op 11 februari 1858

Bij de achtste verschijning, op 24 februari van dat jaar had Maria een boodschap voor ons: Bernadette heeft Maria horen zeggen: 'boetvaardigheid' en 'bid God voor de bekering van de zondaars'. Ook vroeg Maria aan Bernadette om de grond te kussen, wat Bernadette ook inderdaad heeft gedaan.

Korte overweging bij haar boodschap:

Zij wil dat wij tot inkeer komen, zij roept op tot boetvaardigheid – wellicht een zwaar woord in deze tijd. Wij worden geroepen om ons open te stellen voor verzoening met God – en Maria vraagt ons te bidden voor onze naaste. Bidden voor onze naaste die zondig is, die onvolmaakt is en problemen heeft. Bidden zodat de naaste kracht vindt zich tot God te (be)keren, zich met Hem te verzoenen en een confrontatie met zijn eigen tekorten aan te gaan. Deze opdracht sluit aan bij de christelijke oproep tot zorg voor de naaste. Met de verwijzing naar de grond geeft Maria aan dat een boetvaardige en op de naaste gerichte houding de basis, de grond of de rots is waarop ons geloof is gefundeerd.

Negende verschijning - 25 februari

Maria zegt haar:. 'Ga drinken en U wassen aan de bron. Eet van het kruid dat U daar vindt'. 

Korte overweging bij haar boodschap:

Het drinken van het water en het tot je nemen van het kruid, zijn verwijzingen naar het tot je nemen van Gods woord, je openstellen voor hetgeen de Heilige Geest in je wakker roept. Er is hier ook een parallel met de Heilige Eucharistie. Het wassen verwijst naar de reiniging van zonden, het tot inkeer komen, je openstellen voor verzoening met God. Ook de Eucharistieviering wordt begonnen met de schuldbelijdenis – de zuivering - waarna het Woord volgt – dat wij tot ons nemen - , de geloofsbelijdenis – de bevestiging van ons geloof – en daarna het tot ons nemen van het lichaam van Christus in brood en wijn als de volmaakte vereniging.

Dertiende verschijning - 2 maart

Bernadette hoort het verzoek: 'ga aan de priesters zeggen hier een kapel te bouwen, ik wil dat men hier in processie naartoe komt'. 

Korte overweging bij de boodschap:

Dit is de oproep aan De Kerk om er voor te (blijven) zorgen dat wij naar Lourdes kunnen komen en de oproep aan ons allen om dit dan ook te doen. Maar zou het niet ook een oproep kunnen zijn om vele kapellen / kerken in de wereld te bouwen zodat velen in de wereld daar in het Huis van God kunnen samenkomen? Is het niet ook een oproep aan De Kerk om stand te houden en ontmoetingsplaatsen te creëren en in stand te houden waar gelovigen in processie of wel ‘in gelijk gestemdheid’ naar toe kunnen trekken?

Zestiende verschijning - 25 maart

De boodschap van Maria is nu anders. In opdracht van de nog steeds aarzelende priesters en bisschop vraagt Bernadette tot 4x toe haar naam. Nu komt ook het antwoord (in het lokale dialect): 'Que soy era immaculada Councepciou', 'ik ben de Onbevlekte Ontvangenis'.

Korte overweging bij dit antwoord:

Zij is de zuivere, zonde vrije en onbevlekte, gelijkenis van God. De wijze waarop zij antwoord is haar rechtvaardiging of legitimering voor haar boodschap en oproep aan ons allen, onderstreept en voortdurend bevestigd door de vele wonderen van Lourdes.

Zeventiende verschijning - 7 april

Zoals gewoonlijk draagt zij een brandende kaars in de linkerhand, met haar rechter beschermt zij de vlam tegen de wind. In de extase die volgt, beroert de vlam haar vingers, tien minuten lang. De arts,die er bij staat, kan geen enkele brandwond constateren en hij gelooft ook dat Bernadette echt iets ziet.

Achttiende en laatste verschijning - 16 juli

Op het feest van Onze Lieve Vrouwe van de berg Karmel. Als haar gevraagd wordt of de Heilige Maagd iets gezegd heeft, antwoord zij 'niets', maar tevens zegt ze dat ze haar nog nooit zo mooi heeft gezien.

Hierna neemt Bernadette de gewone lijn van haar leven weer op, haar groei in het geloof, die voor haar geheel bestaat in de trouw van elke dag. 

 
 

© Copyright Orde van Malta,  Associatie Nederland