|
Heiligdomsvaart
2004 te Maastricht
Om de zeven jaar wordt in Maastricht de Heiligdomsvaart gehouden,
een feest dat elf dagen duurt en zich afspeelt om en nabij het graf
en de relieken van St. Servatius, dit jaar onder het motto ‘Wij zijn
de tijd’. Een 14-tal van ons heeft met vreugde gehoor gegeven aan de
uitnodiging aan de Orde om deel te nemen aan de H. Mis en de
Ommegang op zondag 4 juli, waarbij ook het grootste deel van de
Nederlandse en Belgische bisschoppen aanwezig was. Om er wat in te
komen, zijn sommigen van ons wat eerder naar Maastricht gegaan en
hebben onder andere het Tonen van de Relieken meegemaakt in de Onze
Lieve Vrouwekerk, een viering waarin hoog op het altaar steeds een
aantal relieken binnengedragen werd door in het roodwit geklede
acolieten en begeleid door in het Latijn gezongen antifonen en
gebeden. ‘Wij tonen u’, en daar verschijnen drie eerbiedwaardige
borstbeelden van heilige bisschoppen, hoog gedragen op de schouders
van hun jonge nazaten, die ons door de eeuwen heen mild en gestreng
aanzien; buitengewoon indrukwekkend, om niet te zeggen roerend.
Op zondag 4 juli namen wij dan in kovel en cape in de basiliek van
St. Servatius deel aan de uiterst plechtige Heilige Mis met een
Intocht zoals je zelden meemaakt: Voorop door het middenpad schreden
alle kerkmeesters en functionarissen in rok, gevolgd door een schier
onafzienbare rij acolieten, ritmisch zwaaiend met glanzend gouden
wierookvaten, nóg meer en nóg meer, de enorme Broederschap van St.
Servatius, in prachtige donkerblauwe togen met witte handschoenen,
die de Noodkist van St. Servatius de altaartreden op droeg… ‘een
onafzienbare schare die niemand tellen kon’. Dat beeld uit de
Apocalyps kwam onwillekeurig boven. Maar ook: kleren maken de man!
Wat zouden onze maatschappij en de Kerk er letterlijk en figuurlijk
beter uitzien als men zich weer wist te kleden. Niet voor niets
droeg men vroeger het Zondagse pak, zeker als men ter kerke ging.
In de Mis, gecelebreerd door de kardinaal samen met de nuntius en
kardinaal Marchisano en de andere bisschoppen, benadrukte mgr.
Wiertz in de preek dat men volksdevotie niet moet onderschatten als
alleen maar oppervlakkig of als folklore: geloof is meer dan
redeneren en argumenteren, het is ook zien, horen en voelen.
Na de Mis was een aantal van ons genood om deel te nemen aan de
ontvangst met lunch, aangeboden door burgemeester en wethouders in
het stadhuis. Dit hield in dat deze groep daarna plaatsnam op de
hoofdtribune, vooraan en rechts van het Hoogwaardig Episcopaat, en
dus niet mee kon lopen in de Ommegang. Dat laatste was wel jammer,
maar het was kiezen of delen. Zodra de processie begon viel men
stil, niet alleen zij die als groep iets van hun geloofsbeleving
poogden uit te beelden, maar evenzo het publiek langs de straten en
op de verschillende tribunes langs de route, afgezien van de
momenten dat men van geestdrift spontaan begon te klappen. Straalden
wij in processie iets van rust en gebed uit? Wij keken om ons heen
en ervoeren Gods aanwezigheid in onze medemensen.
Vanuit de drie overvolle tribunes op het Vrijthof, eindpunt van de
Ommegang, keken autoriteiten vanuit hun hoogte op ons neer en
applaudisseerden voor elke groep. Maar toen het borstbeeld van St.
Servaas en de beroemde Noodkist (die relieken bevat van Servaas en
van bisschop Martinus van Tongeren en die wordt rondgedragen als het
volk in nood is) passeerden, kwam men als één man overeind waarna
allen knielden. Nu geen applaus maar stilte zoals men zich niet kan
voorstellen. Om in dit verheven moment te gedenken dat St. Servatius
het christelijk geloof naar Zuid Nederland bracht, met name naar
Maastricht. Daar wordt hij vereerd als patroon en eerste bisschop en
daar is bij op 13 mei 384 overleden en begraven. Door zijn voorbeeld
geïnspireerd heeft de bevolking van de Europa regio Maas-Rijn het
geloof door de eeuwen heen beleefd en steeds doorgeven aan de
volgende generaties tot in onze tijd. Elke keer bij het zien van de
Noodkist vatte men weer moed en is men weer gesterkt. Ook nu weer.
Blijven wij denken tijdens ons leven aan St. Servaas die ons
voorging in geloof en bidden:
God bewaar ons om Servaas,
Om zijn staf, wijs ons Uw wegen,
Om de sleutel, stel U open,
Gij en wij , elkaar tot zegen.
In dit verband zij ook herinnerd aan de aansporing in het
Heiligdomsvaartlied van zeven jaar geleden:
Voor wie wil leven op Gods adem
Voor wie Hem bij zijn naam bekent,
En zijn wegen durft te gaan,
Is er toekomst om te leven.
Na dit grootse gebeuren werden wij allen door Aert en Beatrijs van
der Goes te Lanaken, gastvrij als altijd, onthaald op een
pelgrimsmaaltijd als feestelijk eind van een prachtige en
onvergetelijke dag.
 |
|
Mgr Wiertz
|
Preek van Mgr Wiertz bij de opening van de Heiligdomsvaart 2004 te
Maastricht
DONDERDAG 1 JULI 2004 - ST. SERVAASBASILIEK MAASTRICHT
eerste lezing: 1 Kor. 2, 1-10 a ( Lect. IV, nr. 134b, blz. 235*)
evangelie : Mt.
24, 42-47 (Lect. IV, nr. 135, blz. 237*)
Wij leven in een cultuur van het beeld. Mensen brengen heel wat tijd
door voor een beeldscherm. Zij worden sterk aangesproken door wat er
zich voor hun ogen afspeelt. Gretig nemen zij in zich op wat er zien
valt. Het aanschouwen van een beeld zegt hen vaak meer dan het
luisteren naar nog zo goed gekozen woorden.
Mensen van deze cultuur komen dezer dagen aan hun trekken hier in
deze stad. Want het religieuze feest van de Heiligdomsvaart uit zich
vanuit verschillende gezichtshoeken in een heel aansprekende
beeldtaal. Wie hiervoor geen oog heeft, zal veel van de betekenis
ontgaan. De symboliek die aan deze openingsplechtigheid vanavond ten
grondslag ligt, geeft reeds wat dat betreft de toon aan.
Een openingsplechtigheid die vanavond heel zinvol begonnen is bij de
bron van St. Servaas! Wij zochten de bron op. En wij beseften daar
opnieuw waar de oorsprong van ons christelijk geloven gelegen is.
St. Servatius, de geloofsverkondiger van deze stad, van deze
streken, hij opende voor onze voorouders en zo ook voor ons een bron
van geloof en van liefde. Het evangelie van Jezus Christus! Wij
mogen nog steeds daaruit putten. "Een goddelijke wijsheid" valt ons
ten deel, en "de kracht van de Geest".
Die bron is voor ieder van ons persoonlijk aangeboord op het moment
van ons heilig doopsel. Toen is er voor ons dat leven begonnen met
en voor Christus. Toegerust met zijn wijsheid en met zijn kracht
zijn wij op weg gegaan. Vanaf de bron onderweg! De bidtocht die wij
vanavond aflegden hier naar het graf van St. Servaas: wij mogen er
het beeld in zien van onze eigen levensweg. Samen onderweg om
Christus te ontmoeten!
Vanaf onze doop sloten wij ons namelijk aan bij die eeuwenlange
stoet die door de tijden heen trekt. Het Godsvolk, de Kerk. Wij
voegden ons erbij, voor de beperkte levenstijd die ons gegeven is.
"De maat van ons leven is zeventig jaar, of als wij heel sterk zijn
tachtig" (ps. 90,10), zegt de psalmist heel realistisch. Wij lopen
mee in de mensheidsgeschiedenis; zoeken er onze eigen plek; hecht
verbonden met wie ons bovenal dierbaar zijn. Wij trekken voort om
uiteindelijk Christus te ontmoeten.
Want Hij staat aan het begin en aan het einde. Hij is "de Alpha en
de Omega. Hem behoren tijd en eeuwigheid". Hij, de eeuwige Zoon van
de Vader, is immers onze tijd binnengetreden en heeft er zijn
"volheid" aan verleend. Voortaan hoeft onze levenstijd niet meer in
leegte of inhoudloos verlopen.
Onze tijd is gevulde tijd, gevuld met Gods goedheid; met zijn genade
waaraan wij mogen beantwoorden. Christus geeft er een richting aan;
een bestemming die niet doodloopt maar uitmondt in de liefde; de
liefde uiteindelijk van de levende God. Ons tijdsbesef is hiermee
grondig veranderd. Niet noodlot of toeval bepalen het verloop van de
geschiedenis. Neen, Gods goedheid roept om een vrije keuze van de
mens. Deze dialoog tussen God en mens stuwt de tijd voort.
De H. Augustinus is de pleitbezorger van dit gelovig tijdsbegrip
geworden. Uit zijn tachtigste preek stammen die bekende woorden
waaraan het thema van de Heiligdomsvaart ontleend is. "De mensen
zeggen: de tijden zijn slecht, de tijden zijn zwaar. Laten we goed
leven en de tijden zullen goed zijn. Want de tijd, dat zijn wij, en
zoals wij zijn, zo zullen de tijden zijn".
Alles hangt er inderdaad vanaf hoe wij met onze tijd omgaan. Alles
hangt ervan af hoe wij aan die beperkte levenstijd die ons
geschonken is, invulling geven. Onze keuze is in het geding; ons
antwoord op Gods scheppende liefde. Waarvoor kiezen wij? Hoe valt
onze keuze uit?
Kiezen wij eigenlijk wel voor dat jachtig en rusteloze leeftempo dat
ons nu in deze tijd zo sterk betovert? Wij zijn erdoor bevangen;
maar tevens klagen wij het vaakgenoeg aan als de grote boosdoener.
Wij zijn er ons dus wel terdege van bewust, maar komen er desondanks
niet los van.
Wij springen nogal ondoordacht met onze kostbare tijd om; hollen van
het een naar het ander, en gunnen ons nauwelijks rust. Zelfs
vacanties ontaarden vaak in inspannende krachtprestaties. Het woord
stress is inmiddels volledig ingeburgerd. En in een nieuwe Van Dale
zal een woord als "onthaasten" niet meer ontbreken.
Het is alsof wij mensen van elk ogenblik zo intens mogelijk willen
genieten. Wij willen er zo veel mogelijk uithalen aan profijt, aan
genot. "Je leeft tenslotte maar één keer", wordt er dan op een niet
zo erg gelovige toon bij gezegd! Alles uit het moment van nu halen!
Waar komt die onrust vandaan? "Ons hart blijft onrustig totdat het
rust vindt in U, o God". Het zijn weer woorden van dezelfde grote
Augustinus!
Het kan daarom anders, zegt het thema van deze Heiligdomsvaart. Het
kan anders! "Wij zijn de tijd". Van ons hangt het goede leven af
waardoor ook onze tijd een goede tijd genoemd kan worden. Het kan
anders!
Oppervlakkige tijdsinvulling mag eens wat meer diepgang verkrijgen.
Wij mogen weer wat meer plaats en tijd inruimen voor bezinning en
gebed; de eigen geloofsovertuiging versterken en proberen uit te
dragen. En wij mogen vooral ook weer wat meer tijd krijgen voor
elkaar. Aandacht die niet voortdurend op het horloge kijkt, maar in
alle rust de tijd neemt, en luistert en bemoedigt; zeker in het
contact met ouderen en zieken.
De Heiligdomsvaart wil met het gekozen thema ons tot deze bezinning
oproepen. "Laten we goed leven en de tijden zullen goed zijn". Maar
goed leven, hoe gaat dat? De onzekere mens van nu heeft het antwoord
hierop niet meer direct ter beschikking. Hoe gaat dat: goed leven?
Wij waren bij de bron. Christus kwam in ons leven. Wij zijn immers
gedoopt. Hij ging verder met ons op weg; en wij met Hem. Op de
kruispunten van het leven waren er telkens die intense ontmoetingen
met Hem. In woord en sacrament. Want, zijn kompas kunnen wij niet
missen. Hij wijst ons de weg. Hij schenkt de "wijsheid" en de
"kracht" om goed te leven!
Hij stelt ons ook ons eindstation in het vooruitzicht. Er is een
dag, een uur dat Hij er definitief voor ons zal zijn. Dat roept om
waakzaamheid. Maar tevens boezemt dat vertrouwen in. Het geeft moed.
Wij dolen niet langer meer stuurloos rond.
En wat wij in geloof en in liefde samen in gezin en in gemeenschap
opbouwen, het wordt niet ooit weer afgebroken. Het is niet
tevergeefs. Op "het uur" van de Mensenzoon mag dit alles bouwsteen
zijn in een huis van eeuwigheid.
In de "volheid der tijden" is God mens geworden. Christus' komst
betekent een keerpunt in de geschiedenis. De tijd wordt voortaan
bezien vanuit Hem. Hij is het centrum. Dankbaar denken wij terug aan
de geloofsverkondigers die ons de waarheid en de liefde van Christus
gebracht hebben: bisschop Servatius, alle heilige bisschoppen van
Maastricht, onze gelovige voorouders, zo velen veraf en dichtbij.
Wij danken hen voor dat grote geschenk van het christelijk geloof.
Wij bidden dat wij dit dierbaar erfgoed goed zullen beheren. "Wij
zijn de tijd". Wij zijn de tijd van nu met die zware opdracht het
evangelie van Jezus Christus door te geven aan de komende
generaties. St. Servatius en alle verkondigers uit het verleden, zij
waren "de trouwe en verstandige knechten die de Heer over zijn
dienstvolk had aangesteld om hun op tijd het eten te geven". Zij
leggen hun dienstwerk nu in onze handen, in de handen van ons allen
aan wie het geloof in de Heer toch sterk ter harte gaat.
Onze tijd kent een enorme geestelijke honger. De vraag naar een
spiritueel fundament is allerwegen bespeurbaar. Christus'
"goddelijke wijsheid" kan aan deze vraag voldoen. Hij vraagt daarom
van ons allen een getuigenis dat steunt op "de kracht van de Geest".
De Heiligdomsvaart mag juist door haar beeldend vermogen velen in
deze dagen tot gebed en bezinning brengen. Dat bidden wij op
voorspraak van O.L.Vrouw de Sterre der Zee en op voorspraak van de
stadspatroon St. Servatius.
Amen.
+ Frans Wiertz
bisschop van Roermond |